groen


The Netherlands

October 22, 2005

red rule
vertical
groen


groen


groen


groen


Andere foto's uit Irak
Terug naar de hel
Duizenden Amerikaanse soldaten brengen de gruwelen van de oorlog in Irak, 
die op het westerse nieuws niet getoond worden, mee naar huis. 
Eén van hen besloot dat de beelden van de échte oorlog eindelijk 
getoond moesten worden.

DOOR TEKST JOERI BOOM, FOTOSTRIP PENNY ALLEN

Boven het hoofd van een Amerikaanse militair achter een zwaar machinegeweer 
hangt een tekstwolkje: "Wat is dit? Ik ben christen, man. Ik vermoord mensen!!" 
Dit lijkt een stripverhaal. Maar sciencefiction, fantasie of absurde humor 
komen er niet in voor. De foto's zijn echt. Gruwelijk echt. Samen met de 
tekstwolkjes vertellen ze een episode uit het leven van sergeant R., een 
Amerikaanse militair die diende in Irak.

Hij kwam naast haar zitten op een vlucht van Parijs naar de Verenigde Staten. 
Ge kleed in zijn camouflagepak. Hij kon het nauwelijks geloven: twee weken 
verlof had hij gewonnen in een loterij van het Amerikaanse leger. Hij mocht 
even naar huis, naar zijn vrouw en kindje. Penny Allen was nieuwsgierig en 
raakte met hem aan de praat. Sergeant R. vertelde zijn verhaal, urenlang. 
Hij was opgewonden en verward. Toen de vlucht bijna ten einde was, liet hij 
haar op zijn laptop een filmpje zien dat hij en zijn makkers uit zijn 
gevechtseenheid maakten. De beelden waren schokkend. Penny Allen, een 
Amerikaanse filmmaakster en kunstenares woonachtig in Parijs, beloofde 
contact met sergeant R. te houden. Hij vertelde haar dat hij vond dat 
mensen moesten weten hoe gruwelijk de oorlog in Irak werkelijk was. Niet 
lang daarna viel de eerste envelop uit Irak op haar Franse deurmat. De 
sergeant stuurde een wegwerpcamera en een korte brief. Er volgden meer 
pakjes met foto's en de film die hij haar in het vliegtuig liet zien.
Allen antwoordde steeds op zijn post. Maar vanaf april keerden haar 
brieven ongeopend terug. Adres onbekend. "Ik maakte me zorgen. Ik was 
bang dat hij gesneuveld was. Maar ik kon zijn naam niet vinden in de 
dodenlijsten van het Pentagon. Daarom dacht ik dat hij misschien gewond 
was geraakt. Het Pentagon publiceert geen namen van gewonden, dus ik kon 
dat niet controleren." Het lukte Penny Allen om de ouders van sergeant R. 
te traceren. Zo kwam ze erachter dat hij nog leefde en ongedeerd was. 
"Toen, op een zaterdagavond, belde hij terug. Ik was zo blij. Hij 
vertelde me dat zijn eenheid op een geheime missie was gestuurd. 
Hij en zijn collega's zijn blijkbaar goed in hun vak. Daarom worden 
ze voor de zwaarste klussen ingezet. Aan de telefoon vertelde hij me 
weer verschrikkelijke verhalen over wat hij had meegemaakt. Hij bleef 
maar zeggen dat ik iets moest doen met wat hij me opstuurde."

Penny Allen wilde proberen een documentaire te maken van het materiaal 
van sergeant R. Ze zocht contact met filmproducenten. Maar die waren 
niet happig. Toen ze R. nogmaals aan de telefoon had gehad, besloot 
ze zelf met de beelden van de oorlog aan de slag te gaan. Ze maakte 
een korte, indringende fotoroman, getiteld War Is Hell. De foto's en 
teksten tonen het ongecensureerde verhaal van de verkenningseenheid 
van sergeant R. die er op uit trekt in Abraham-tanks, pantserwagens 
en humvees. Zij moeten snelwegen, bruggen en dorpen controleren op de 
aanwezigheid van bommen en rebellen. Er vallen doden. Amerikaanse en 
Iraakse. Op de foto's en videostills waaruit de fotoroman is opgebouwd, 
worden ze zonder terughoudendheid vastgelegd. Dit is wat schuilgaat 
achter de rookpluimen en afstandopnames waarmee doorgaans de gevolgen 
van zelfmoordaanslagen en andere oorlogstaferelen in Irak worden getoond. 
Dít is oorlog, is de boodschap van sergeant R., dit is de hel. War Is Hell 
toont de gore gruwelijkheid van een oorlog waar ook Nederland bij betrokken 
is door de politieke steun die het geeft. En dat vereist een sterke maag.
Omdat R. bang is dat hij in problemen komt als zijn naam bekend wordt, 
houdt Penny Allen die geheim. Volgens Allen is R. niet politiek gemotiveerd. 
Hij heeft het in zijn brieven en aan de telefoon niet over de redenen waarom 
hij en zijn makkers in Irak moeten vechten. Penny Allen: Zijn verhaal is 
ambivalent. Hij is geschokt door wat hij heeft meegemaakt. Hij wil dat laten 
zien, omdat hij het gevoel heeft dat mensen niet beseffen hoe afgrijselijk 
de oorlog is. Hij plaatst vraagtekens bij de methode van oorlogvoering in 
Irak. Maar hij is niet tegen oorlog in het algemeen. En ook niet tegen de 
oorlog in Irak. Hij weigert te deserteren, want dat vindt hij een schande. 
Die dubbele houding komt minstens voor de helft door zijn vader. Een 
klassieke, conservatieve, rechtse man. Zeer pro-Bush en heel erg voor 
de oorlog in Irak."

"Als mijn vader erachter komt dat jij mijn foto's publiceert, vermoordt 
hij me. Hij is primitief", vertelde R. aan Allen.

Volgens cijfers van het Pentagon uit mei 2005 zijn iets meer dan vijfduizend 
Amerikaanse militairen gedeserteerd. Volgens anti-oorlogsactivisten zijn het 
er veel meer. Een van de telefonische hulplijnen voor militairen die uit 
de krijgsmacht willen wegens de oorlogen in Irak en Afghanistan ontvangt 
maandelijks drieduizend tele foontjes. Er zijn beroemde deserteurs, zoals 
staff sergeant Camilo Mejia, die om politieke redenen weigerde nog langer 
te dienen in Irak. Hij kreeg een jaar gevangenisstraf.
Sergeant Kevin Benderman weigerde met zijn eenheid terug te keren naar Irak 
voor nóg een tour of duty. Hij werd gekweld door her inneringen aan het 
eerste verblijf. Gebom bardeerde dorpen, wanhopige mensen. Honden die aan 
lijken vreten, een meisje van een jaar of negen dat over haar hele lichaam 
verbrand was. Hij meldde zich aan als gewetensbezwaarde en kreeg vijftien 
maanden celstraf.

Het is een grote stap voor een militair om zijn makkers in de steek te laten. 
Oneervol ontslag, de celstraf of het vooruitzicht als politiek vluchteling 
te moeten uitwijken naar Canada maken de drempel om te deserteren nog hoger. 
In de Amerikaanse krijgsmacht zijn er velen zoals sergeant R. Ze verafschuwen 
de oorlog maar doen desondanks wat ze als hun plicht zien. De frustraties zijn 
echter zo hoog opgelopen dat steeds meer militairen lucht geven aan hun afkeer 
van de oorlog. In Brieven van het front bundelde de Bush-bashing 
documentairemaker Michael Moore e-mails van Amerikaanse militairen. 
Moore zegt dat hij er duizenden krijgt, via zijn website. "Wat hun 
opmerkingen zo uniek en indringend maakt is het feit dat het niet de 
gebruikelijke kreten zijn uit het linkse kamp of de holle frasen van 
de antioorlogsbeweging – zij zíjn de oorlogs beweging", schrijft hij: 
"Hun opmerkingen zijn zo overtuigend omdat zij getuige zijn van de oorlog, 
de mannen en vrouwen te velde die het dodelijke werk moeten verrichten en 
die geleidelijk tot de ontdekking komen dat hun werk maar bar weinig te 
maken heeft met het verdedigen van de Verenigde Staten van Amerika."

War Is Hell is inmiddels integraal gepubliceerd in World War 3 Illustrated. 
In Zwitserland, Frankrijk, Duitsland, Argentinië en de Verenigde Staten 
publiceerden kranten of weekbladen de fotoroman. Niet altijd volledig, 
in verband met de gruwelijke beelden. Een museum in Pristina (Kosovo) 
heeft War Is Hell opgenomen in de permanente collectie. Penny Allen 
hing het werk ter expositie in Portland (Oregon) en in New York City. 
Bij de eerste expositie, in maart, bleek de fotoroman grote indruk te 
maken op de bezoekers.

Penny Allen: "Mensen stonden op een kluitje om het te kunnen zien. Er 
stonden honderden opmerkingen in het gastenboek. Mensen wilden met me 
praten. Over hoe hun vader terugkwam uit de Tweede Wereldoorlog, over 
Vietnam. Het leek wel of de beelden een laatje openden in hun geheugen."
Op een rustige dag kwamen vijf jongens naar de galerie om War Is Hell te 
zien. Militairen, zojuist terug uit Irak. "Ik was zenuwachtig. Wist niet 
hoe ze zouden reageerden. "Dit is precies zoals het was›, vertelden ze 
me. Dat deed me goed. Het verhaal van sergeant R. is het verhaal van 
een individu, maar blijkbaar is het herkenbaar voor wie de oorlog in 
Irak heeft meegemaakt. Ik vraag me af wat die ervaring met hen doet."
Sergeant R. is inmiddels terug uit Irak. Hij heeft er twee tours van 
een jaar op zitten. Zijn reactie op War Is Hell was simpel en direct: 
"Pretty cool." Dat was wat Al len wilde horen: "Ik vertel zijn verhaal, 
dus wat hij er van vindt is voor mij het be langrijkst." Haar eigen me 
ning doet er niet toe, vindt ze: "Ik sympathiseer met hun verscheurde 
zielen. Niet met wat ze daar doen."

Toen sergeant R. zich weer bij vrouw en kind gevoegd had, wilde hij 
zijn vrouw duidelijk maken hoe de oorlog in Irak, zíjn oorlog, 
werkelijk was. Hij nam een fatale beslissing. Hij toonde haar de film 
die hij en de mannen van zijn eenheid maakten. "Je bent een moordenaar, 
een monster", zei zijn vrouw toen ze de schokkende beelden had gezien. 
Ze nam hun kind mee, pakte haar spullen en vertrok.
De reactie van sergeant R. was die van zoveel gekwelde veteranen 
uit oorlogen. Hij meldde zich vrijwillig aan voor een derde jaar Irak. 
Terug naar de hel. Dat, zo bleek later, had bijna zijn voltallige 
verkenningseenheid ook gedaan. 


Translation
Different pictures from Iraq
Back to hell
Thousands of American soldiers take the horrors of the Iraq war,
not presented by the Western news media, back home with them.
One of them decided that the images of the real war finally had to be shown.

BY: TEXT - JOERI BOOM, PHOTO STRIP - PENNY ALLEN

Over the head of an American soldier behind a heavy machine gun floats a text balloon: 
"What is this? I am a Christian, man. I kill people!!" This looks like a cartoon strip. 
But without science fiction, fantasy or absurd humor. The photos are real. Horrifyingly 
real. Together with the text balloons they relate an episode from the life of Sergeant 
R., a GI serving in Iraq.

He sat in the seat next to her on a flight from Paris to the States. Dressed in his 
camouflage outfit. He could hardly believe it: he had won a two week vacation in an 
Army lottery. He was allowed to go home, see his wife, his baby. Penny Allen was 
curious and they got into a conversation. Sergeant R. told her his story; it lasted 
for hours. He was excited and confused. When the plane was about to land, he showed 
her a movie on his laptop, made by him and his buddies from his unit. The images were 
shocking. Penny Allen, an American film maker and artist living in Paris, promised 
to stay in touch with Sergeant R. He told her that he thought that the people should 
know how gruesome the war in Iraq was in reality. Not long after that the first envelope 
from Iraq fell on her French doormat. The sergeant sent a disposable camera and a short 
letter. More parcels followed, with photos and the film he had shown her on the plane.

Allen always responded to his letters.  But from April on, hers came back unopened. 
Address unknown. "I was worried. I was afraid that he might have died. But I couldn’t 
find his name on the Pentagon’s death lists. That's why I thought that perhaps he had 
been wounded. The Pentagon does not publish lists of wounded men, so I could not check 
it." Penny Allen managed to trace Sergeant R.'s parents. That’s how she found out that 
he was alive and unharmed. "Then, one Saturday night, he called back. I was so happy. 
He told me that his unit had been sent on a secret mission. He and his colleagues 
apparently are good at their trade. That’s why they are given the heaviest jobs. On 
the phone he told me more terrible stories about what he has witnessed. He kept saying 
that I had to do something with what he had been sending me."

Penny Allen wanted to try and make a documentary film based on Sergeant R.'s material. 
She made contact with film producers. But they were not very keen. After talking on the 
phone with Sergeant R. once again, she decided to do something with the war images herself. 
She made a short, powerful photo strip, entitled War Is Hell.

The pictures and texts tell the uncensored story of Sergeant R.'s reconnaissance unit, 
going around in their Abrams tanks, armored cars and humvees. It is their task to check 
freeways, bridges and villages for the presence of bombs and rebels. People get killed. 
Americans and Iraqis. The pictures and video stills that provided the material for the 
photo strip show the dead without reserve. This is what remains hidden behind the columns 
of smoke and the pictures taken from a distance that are normally used to show the results 
of suicide bombs and other war scenes in Iraq. This is war, is the message Sergeant R. sends, 
this is hell. War Is Hell shows the dirty gruesomeness of a war in which also The Netherlands 
is involved through its political support. And that requires a strong stomach.

Because R. is afraid that he will get into trouble when is name is made public, Penny 
Allen keeps it a secret. According to Allen R. is not politically motivated. In his 
letters and on the phone, he does not talk about the reasons why he and his friends must 
fight in Iraq. Penny Allen: "His story is ambivalent. He is shocked by what he 
experienced. He wants to show that, because he has the impression that people don’t 
realize how horrifying the war is. He questions the methods of warfare adopted in Iraq. 
But he is not against war in general. Nor is he against the war in Iraq. He refuses to 
desert, because he finds that a disgrace. That ambivalent attitude comes at least for 
50% from his father. A classic case of a conservative, right-wing man. Very pro-Bush 
and very much in favor of the war in Iraq." "If my father finds out that you publish 
my photos, he will kill me. He is primitive", R. told Allen.

According to numbers released by the Pentagon in May 2005 a little over 5000 American 
soldiers have deserted. According to anti-war activitists there are many more. One of 
the phone support lines for military personnel who want to get out of the armed forces 
as a result of the wars in Iraq and Afghanistan receives 3000 calls every month. 
There are famous deserters, like staff sergeant Camilo Mejia, who for political reasons 
refused to serve in Iraq any longer. He was sentenced to a year in prison.
Sergeant Kevin Benderman refused to return with his unit to Iraq for another tour of 
duty. He was tormented by memories of his first tour. Bombed villages, a nine year old 
girl whose whole body was burned. He registered as a conscientious objector and got 
15 months in jail.

It is a big step for a soldier to abandon his buddies. Dishonorable discharge, 
imprisonment or the perspective to have to run away as a political refugee to Canada, 
make the threshold to desertion even higher. In the American forces there are many 
like Sergeant R. They are disgusted with the war, but nevertheless do what they see 
as their duty. But the frustrations are running so high that more and more soldiers 
vent their aversion to the war. In [the book] Will They Ever Trust Us Again? 
Bush-bashing documentary film maker Michael Moore collected e-mails from American soldiers. 
Moore says he receives thousands of them through his website. "What makes their remarks 
so unique and powerful is the fact that these are not the usual slogans from the 
leftist camp or the empty phrases of the anti-war movement - they are the war movement", 
he writes: “Their observations are so convincing because they are witnesses of the war, 
the men and women in the field who have to carry out their deadly jobs and who are 
gradually finding out that their work has very little to do with defending the United 
States of America."

In the meantime War Is Hell has been published integrally in World War 3 Illustrated. 
In Switzerland, France, Germany, Argentina and the US newspapers or magazines have 
published the photo strip. Not always completely, as a result of the gruesome images. 
A museum in  Pristina (Kosovo) added War Is Hell to its permanent collection. Penny 
Allen showed her work in galleries in Portland, OR and in New York City. During the 
first exhibition, in March, the public was very impressed by the photo strip.
Penny Allen: “People were huddled together to be able to see it. There were hundreds 
of remarks in the visitors’ record book. People wanted to talk with me. About how their 
father had come back from the 2nd World War, about Vietnam. It was as if those images 
opened a little drawer in their memory.”

On a quiet day five young men came back to the gallery to see War is Hell. Soldiers, 
just back from Iraq. "I was nervous, didn't know how they would react. 'This is exactly 
what it was like', they told me. That did me a lot of good. Sergeant R.'s story is the 
story of one individual, but apparently it is recognizable for whoever has been in the 
Iraq war. I wonder what that experience does with them."

Sergeant R., in the meantime, is back from Iraq. He did two tours of duty of one year. 
His reaction to War Is Hell was simple and direct: "Pretty cool."  That was what Allen 
wanted to hear: "I am telling his story, so what he thinks of it is for me the most 
important thing." Her own opinion does not matter, she thinks. "I sympathize with their 
torn souls. Not with what they are doing there."

When Sergeant R. had joined his wife and child again, he wanted to explain to his wife 
what the war in Iraq, his war, had really been like. He took a fatal decision. He showed 
her the film he and his comrades from his unit had made. […] She took her child, got her 
things and left.

Sergeant R.'s reaction was that of so many tormented war veterans. He volunteered for a 
third year in Iraq. Back to hell. And so had, as it turned out later, almost his entire 
reconnaissance unit.

red rule


groen


vertical
red rule